Al sinds de 13e eeuw oefent het Hoogheemraadschap van Rijnland toezicht uit op alle waterstaatswerken in de regio. In 1578 koopt het college een aantal panden in de Breestraat als residentie. De dijkgraaf woont daar, er wordt vergaderd en hoogheemraden kunnen er logeren. In 1598 krijgt de gevel de kenmerkende Hollandse renaissancestijl naar een ontwerp van Lieven de Key. De asymmetrische gevel verraadt dat het gebouw een combinatie is van drie middeleeuwse woonhuizen. Andere kenmerken aan de buitenzijde zijn de in natuursteen uitgevoerde details en het toegangspoortje met de leeuwenkop met ‘bijtring’ en ‘schelpfronten’. Tussen 1657 en 1671 wordt het interieur aangepast aan de hand van plannen van Pieter Post. Deze bekende architect ontwerpt ook de Leidse Waag en de benedenpoort van de Burcht. De hal en de grote zaal zijn nog in oorspronkelijke staat. Het siersnijwerk op de statige trap is uitgevoerd door de Leidse beeldsnijder Gerrit Goosman, de vazen zijn van meesterbeeldhouwer Frans van Tongeren. De grote zaal heeft met goudleer bespannen wanden en een houten tongewelf. De ruimte is eeuwenlang het hart van het bestuur en de rechtspraak van Rijnland en dat is te zien aan het plafond. Ook de dijkgravenkamer is een bezoek meer dan waard./IR