Jezus veranderde water in wijn, de Leidse Watergasfabriek (1905) maakte van water gas. Dat laatste klinkt, eerlijk is eerlijk, wel mooier dan het was. Want wat gebeurde er? Water werd over gloeiendhete cokes (gezuiverde steenkool) geleid, waardoor water ontleed werd in koolmonoxide en waterstof. De mix daarvan wordt watergas genoemd, dat na enige bewerking bruikbaar is als brandstof. Gas uit water, maar wel met behulp van veel fossiele cokes. Op oude foto’s zie je een woud aan schoorstenen in dit gebied, een enorm complex met in het centrum de gasfabriek, die op haar beurt gas uit steenkool maakte. De Watergasfabriek was een hulpfabriekje, gebouwd om de piekbelasting in het gasnet op te vangen. Het grote voordeel van watergas was dat de productie supersnel gestart kon worden. Wanneer de nood aan de man kwam, sprong de Watergasfabriek bij om aan de gasvraag te voldoen. Het ketelhuis van de Watergasfabriek is behouden gebleven als erfenis van de Stedelijke Lichtfabrieken, de vroegere leverancier van gas voor verlichting. Nu is het de zetel van Est Art Foundation, die tentoonstellingen en discussies over ontwikkelingen in de kunst organiseert. Op wat ooit het meest vervuilde stuk van Leiden was, wordt dit de culturele hotspot van het Singelpark. / JC